Een 4-traps definitie van haat

In de gangbare handboeken over psychologie wordt veel aandacht geschonken aan allerlei emoties en motivaties, maar niet aan het in de politiek zo vaak gebruikte begrip haat. Daarom zal ik hier proberen er een definitie van te geven. 

In het algemeen heeft het begrip haat betrekking op iets waar we een hekel aan hebben. Maar dit “een hekel hebben aan” kan voorkomen in combinatie met verschillende andere motivaties. Om dit duidelijk te maken moeten we eest een paar onderscheidingen maken.

Een eerste onderscheid is dat tussen een vaag gevoel van haat in de betekenis van een hekel hebben aan (bijvoorbeeld: “Ik haat het om gestoord te worden” of “Ik haat het Hollandse klimaat”) en haat die duidelijke gericht is op een object of daaraan zelfs gekoppeld is. Een dergelijke koppeling kent gradaties, hij kan zelfs zo sterk zijn dat je kunt spreken van een obsessie.

Een tweede onderscheid is dat tussen haat jegens een zaak (zoals bijvoorbeeld het communisme) en haat jegens een persoon. Wanneer onze haat gericht is op het communisme zijn er weinig psychologische complicaties: het communisme moet weg, het moet worden vernietigd. Maar wanneer onze haat gericht is op een persoon ligt het problematischer. Deze persoon hindert ons. Die hindernis willen wij verwijderen. Maar willen wij hem ook beschadigen of vernietigen? Want voor personen geldt het gebod: “Gij zult niet doden”. Hier ontstaat een gewetensconflict. Naast de persoon die ons hindert is er nu ook ons eigen gewetensconflict dat ons hindert. We tobben erover of we verplicht zijn hem te vergeven.

Een ander onderscheid is dat tussen haat (in de betekenis van “een hekel hebben aan”) en vergeldingsdrang. Wanneer iemand zich jegens ons heeft misdragen willen we hem straffen, pijn doen. Die vergeldingsdrang heeft een tijdelijk karakter. Als de betreffende persoon zijn pak slaag heeft gehad zijn we bevredigd en is de vergeldingsdrang verdwenen. Het komt ook vaak voor dat we vergeldingsdrang voelen jegens iemand die we liefhebben. Dan moet die persoon eerst worden bestraft, daarna kunnen we verdergaan met liefhebben. Als het goed is willen we hier wel pijn doen, maar niet blijvend beschadigen.

Het is na deze overwegingen mogelijk een definitie van haat te geven. We kunnen haten definiëren als “een hekel hebben aan”, waarbij grofweg vier trappen kunnen worden onderscheiden. Deze trappen ontstaan door aan een basis van passief “een hekel hebben aan” respectievelijk drie kenmerken toe te voegen, namelijk “koppeling aan object”, “pijn willen doen” en “vernietigen”. We kunnen haat dan onderscheiden in vier categorieën: 

  • Eerste categorie: passief een hekel hebben aan iets of iemand (afkeren, vermijden, vergeten).
  • Tweede categorie: bovendien een psychologische binding hebben aan het object van haat (denk bijvoorbeeld aan een “negatieve vaderbinding”).
  • Derde categorie: hem (of het) bovendien pijn willen doen (dus: vergelding).
  • Vierde categorie: hem (of het) bovendien willen vernietigen (of doden).