Politieke manipulatie

Op het eerste gezicht zou men denken dat het grafisch weergeven van de standpunten van de politieke partijen met behulp van één of meer dimensies neutraal zou zijn en geen dwang zou uitoefenen in een bepaalde politieke richting. Het gaat hierbij echter net zoals bij zoveel grafische voorstellingen: het is telkens nodig keuzen te maken (zoals de keuze van de assen) en daarom is het in de praktijk bijna onmogelijk om géén politieke invloed uit te oefenen. Hierdoor wordt het een sterk middel om mensen te manipuleren. In het volgende zal een aantal daarvan worden besproken.

1. Het verabsoluteren van de eigen invulling van de links-rechts as

Het onderscheid tussen “links” en “rechts” is zo universeel dat het wel als een soort archetype kan worden beschouwd. Maar de politici geven dit onderscheid steeds een eigen invulling en stellen deze invulling voor als de diepste, fundamentele onderscheiding in de politieke werkelijkheid. Deze invulling werkt dan als een “frame” waarin alle waarnemingen worden ingepast. De politici proberen voortdurend hun eigen invulling van de links-rechts as aan de man te brengen en zo ontstaat een machtsstrijd welk invulling het zal winnen.

2. Het gebruik maken van de onbepaaldheid van de links-rechts as.
Zoals reeds ter sprake is gekomen verandert de betekenis van de termen  “links” en “rechts” per generatie en per levenskring. Om enkele voorbeelden te noemen:

Deze onbepaaldheid van de termen “links” en “rechts” is natuurlijk ongunstig voor de helderheid van het denken. Maar juist daardoor kan hij op manipulatieve wijze gebruikt worden, bijvoorbeeld om mensen of partijen zwart te maken. Men zegt dan bijvoorbeeld,  in een kring waar dit een zwaar scheldwoord is, dat een bepaalde persoon of partij “extreem rechts” is. Als men dan later hiervoor ter verantwoording wordt geroepen kan men zich beroepen op een andere betekenis van het woord “rechts” en zeggen dat men die alleen maar categoriserend had bedoeld. Tegen dit type zwartmakerij is verdediging nauwelijks mogelijk. Daarom is het een efficiënt middel ter manipulatie.

3. Het in gedachten aanvullen van de links-rechts as met “communisme” en “fascisme”.

Een gangbare, niet al te controversiële invulling van de links-rechts as is de volgende:

SP – Groen Links – Denk – Partij voor de Dieren – PvdA – 50 Plus – Christen Unie – PVV – CDA – D66 –  VVD – FvD – SGP – VNL  (1)

Hierbij is: Links = grote overheid, focus op collectief
Rechts = kleine overheid , individuele keuzes

In de politieke discussie lijkt men echter vaak een ander soort indeling te hanteren.  Op het NOS-nieuws bijvoorbeeld hoort men telkens bij de beschrijving van betogingen dat er geweld werd gebruikt door “extreem links” of door “extreem rechts”. Kennelijk hanteert men hier ongemerkt een indeling waarbij aan het linker-uiteinde Communisme is toegevoegd en aan het rechteruiteinde Neonazi’s en Fascisme. De indeling wordt dan:

Communisme – SP – Groen Links – Denk – Partij voor de Dieren – PvdA – 50 Plus – Christen Unie – PVV – CDA – D66 – VVD – FvD – SGP – VNL – Neonazi’s – Fascisme

Waarschijnlijk stamt deze denkwereld nog uit de tijd van de Koude Oorlog, toen men nog vervuld was van de tegenstelling communisme-fascisme. Het communisme werd toen uiteraard uiterst links geplaatst en dus, zo oordeelde men toen, moest het fascisme wel uiterst rechts worden geplaatst (zie het in het voorgaande besproken model van Rokeach).
Deze indeling geeft extra mogelijkheid tot manipulatie. Zo hebben veel politici enige tijd moeten nadenken waar zij de in 2018 (?) nieuw opgerichte, fel concurrerende partij FvD zouden plaatsen en zij plaatsten die tenslotte “uiterst rechts”, vlak naast de neo-nazi’s. Een betere methode om een partij zwart te maken bestaat er momenteel haast niet.

4. Het vervangen van inhoudelijke argumentatie door suggestie op grond van nabijheid in de grafische voorstelling.
Twee partijen kunnen in werkelijkheid enorm van elkaar verschillen, maar er is altijd wel een as te vinden waarop ze vlak naast elkaar liggen. Dit kan goed dienen om geheimzinnige verbanden te suggereren en om een partij zwart te maken. Men plaats die partij dan bijvoorbeeld uiterst “rechts”, vlak naast de Neo-nazi’s en veroordeelt hem dan op grond van ruimtelijke nabijheid. Dit is een vorm van “guilty by association”.

5. De keuze van de tweede as.
Terwijl de horizontale as gewoonlijk “links” en “rechts” weergeeft en daarbij aan een enigszins traditionele inhoud is gebonden heeft men voor de verticale as een veel grotere keuzevrijheid. Men vindt assen met als tegenstellingen “autoritair – libertijns”, “hoge vrijheid – lage vrijheid” en “progressief – conservatief”.  Nog sterker dan bij de horizontale as bestaat hier de mogelijkheid dat het introduceren van deze as (met de hierin veronderstelde tegenstelling) door belanghebbende politici wordt gebruikt om hún opvatting van de werkelijkheid er in te pompen.

(1) Rutger van den Noort, februari 2019