Meerdimensionaal

Er is een groot aantal specifieke variabelen nodig om de politieke visie van individuele personen te beschrijven: minder politie – meer politie / lichtere straffen – zwaardere straffen / religie binnenshuis – religie openbaar, enz. Deze variabelen vormen samen een ruimte met n dimensies (assen) en iedere persoon wordt dan vertegenwoordigd door een punt in deze ruimte.

Het is mogelijk het aantal van deze assen te reduceren. Veel van deze variabelen zijn namelijk gecorreleerd (dus niet onafhankelijk). Laten we als voorbeeld eens kijken naar de twee (niet specifieke) variabelen “sterker leger” en “zwaardere straffen” en die uitzetten in een grafische figuur met twee assen. Wanneer er geen verband tussen deze twee variabelen bestaat zullen de punten een min of meer cirkelvormige wolk rond het middelpunt vormen. Maar er bestaan waarschijnlijk ook landen of culturen of groepen mensen waarbij er wel een verband bestaat tussen deze variabelen. Voor die groep geldt dan dat hoe meer zij een sterker leger wensen hoe meer zij ook zwaardere straffen willen. Voor een dergelijke groep  zal de puntenwolk een langgerekte, ovale structuur aannemen.

Hoe groter de correlatie is tussen de twee uitgezette variabelen, hoe meer de puntenwolk zich zal samentrekken tot een rechte lijn. In dat geval geldt dat als men van iemand weet dat hij zwaardere straffen wil, dat men dan ook meteen weet dat hij een sterker leger wil. Dat betekent dat men de twee afzonderlijke variabelen kan vervangen door één variabele, die men bijvoorbeeld “autoritaire mentaliteit” zou kunnen noemen.

Er bestaat nu een wiskundige methode om te zoeken naar het minimum aantal onafhankelijke factoren (dimensies, variabelen) waarmee een bepaald verschijnsel kan worden beschreven. Deze methode heet factoranalyse. Hij wordt in meerdere wetenschappen toegepast: onder andere in de psychologie (bij het beschrijven van intelligentie en van persoonlijkheidsstructuren), in de politicologie (bij het beschrijven van politieke visies) en in de cultuursociologie (bij het beschrijven van culturen).

3. Factoranalyse bij de beschrijving van politieke visies
Een gebruikelijke wijze om politieke visies te beschrijven is om die te rangschikken op een links/rechts-as. Hierbij moet men echter wel bedenken dat de betekenis van de begrippen links en rechts met de tijd verandert en bovendien dat ze in Amerika iets anders betekenen dan in Europa. In 1956 kwam H.J.Eysenck met twee dimensies: de R-factor (radicalism versus  conservatism) en de T-factor (tough– versus tender mindedness). Hierin kwam de R-factor overeen met gangbare links-rechts dimensie en heeft de T-factor een minder reële  betekenis.

De twee dimensies van Eysenck

De twee dimensies van Eysenck (1956)

De twee dimensies van Rokeach

De twee dimensies van Rokeach (1973)

In 1973 kwam M.Rokeach met een andere tweedimensionale indeling met als dimensies gelijkheid en vrijheid. Hiermee kon hij de vier in het toenmalige denken belangrijkste stromingen een plaats geven: communisme, socialisme, fascisme en kapitalisme. Hierna zijn nog vele andere pogingen gedaan om te komen tot een zinvolle tweede as, bijvoorbeeld autoritair/libertijns en conservatief/progressief. In 2006 ontwikkelde A.Krouwel samen met het dagblad Trouw het Kieskompas waarin gebruik wordt gemaakt van een tweedimensionale politieke ruimte met een links/rechts-as en een conservatief/progressief-as.